Verslag 150 km UTSB ultra run

UTSB

Voorpret

Jaren geleden heb ik met goeie vriend Edwin en zijn oom en vrienden in Spanje eens een “wandeling” van 101 kilometer gemaakt. Toen ze me na mijn Comrades avontuur vroegen of ik niet ook eens eentje van 150 wilde doen, maar dan hardlopend en met een paar hoogtemeters moest ik eerst heel hard lachen en gaf ik aan dat die stap iets te snel kwam. Ik zou Race to the Stones gaan doen. Mijn eerste 100 km race in het relatief vlakke Engeland. Toen dat plan echter niet door ging en ik nogmaals gevraagd werd ben ik toch maar overstag gegaan. Pijn doet het toch, dan maar iets langer. Hoe zwaar kan het zijn? Toch?

De run starte vrijdagavond, dus woensdag zijn we ruim op tijd naar Spanje gevlogen alwaar we heerlijk in onze eigen huis vlakbij de kust verblijven. Toen we even bij zijn familie langsgingen zaten we voordat we het zelf doorhadden op zondagavond op rij 2 in de uitverkochte spaanse kerk in een bergdorpje. Aswoensdag werd hier fanatiek gevierd. Daarna nog eten en met zijn overleggen wat voor kleding we aan zouden gaan trekken. Overdag was het bijna 25 graden, maar ’s nachts ging het richting vriespunt en waaide het hard. Gelukkig konden we op twee posten een tas met extra voeding en kleding achterlaten.

De start was op vrijdag om 18.00 uur. Dat idee van donderdag laat gaan slapen zodat je vrijdag uit kunt slapen gaat natuurlijk nooit werken, dus om 7.00 uur klaar voor de run. Na een laatste controle van spullen zijn we naar Prado del Rey vertrokken. Toen het dorpje in de buurt kwam schrokken we wel een beetje van de bergen die hier lagen. Behoorlijk indrukwekkend als je weet dat je er een aantal keer overheen moet. De sfeer bij de start van relaxed en na het achterlaten van onze tassen voor de posten kregen we nog een verplichte check van onze tas die we onderweg meenamen. Het meenemen van een hoofdlamp, rood achterlicht, isolatiedeken, fluitje, etc. was verplicht voor je eigen en andermans veiligheid.

Voor deze race heb ik overigens een nog lichtere rugzak van Inov-8 meegenomen, omdat mijn vorige tijdens de Brocken Challenge toch nog te zwaar was. De Race Pro 4 Extreme was net groot genoeg voor mijn spullen. Verder uiteraard mijn Dutch Mud Men shirt aan en om het oranje af te maken had ik via Under Armour een fel oranje heatgear legging gekocht. Aan de spullen zou het dit weekend in ieder geval niet liggen!

Begin

Deze trails is gebaseerd op de smokkelroute van de bandieten van vroeger, de Bandoleros. Vlak voor start liepen er ook 10 Bandoleros met kleding en geweren rond. En laten ze nou net de ene persoon aanspreken die geen Spaans spreek (moi). Met knalvuurwerk en oude geweren worden we om 18.00 uur weggeschoten op weg naar 150 slopende kilometers.

Het eerste uur is goed te doen. Er lopen nog veel mensen samen en ondanks wat pittige klims nog geen hele zware stukken. Er was al besloten dat ik alleen ga lopen en niet bij de Spanjaarden aansluit omdat zij meer willen wandelen en ik zoveel mogelijk wil hardlopen. Mijn strategie is om de eerste moeilijk nacht zoveel mogelijk kilometers te maken, zodat ik tijdens de dag (als het zwaar is) kan genieten van natuur, omgeving en mensen. En om een zo kort mogelijke tweede nacht te hebben.

Telkens als we ingehaald worden probeer ik bij een snellere loper aan te haken. Intussen hebben we een mooi treintje gevormd en gaan de kilometers redelijk snel voorbij. Dat weet ik overigens omdat ik bij elke post zie hoe ver weg zijn. Een GPS-horloge draag ik niet, omdat die hier niet geschikt voor zijn qua accuduur. Ik probeer zo lang mogelijk aan deze treintjes te blijven hangen. Ik merk wel dat ik tussen de ervaren lopers loop, want sommige lopers kunnen echt heel snel dalen.

De eerste nacht

Na anderhalf uur, om half 8 kan de hoofdlamp al aan. Het is te donker om nog veilig zonder lamp te lopen. De trein is intussen opgeschaald naar TGV, maar dat geeft niet, want in de nacht is er toch minder te zien. En dat komt door je hoofdlamp. Je focus is op de paar vierkantje meter die voor je op de grond schijnt. Kijk je naar boven om het parcours te vinden moet je snel weer naar beneden kijken anders kun je stuikelen over stenen. Ik heb er veel zien vallen dit weekend. Het wordt ook wat kouder, dus mijn hardloopjack kan intussen ook aan. Door de flinke inspanning blijven we overigens redelijk warm.

Het parcours is zwaarder dan vooraf gedacht, al heb ik het zeker niet onderschat. Bij voorgaande edities leken er iets minder rotsen te zijn. Het lijkt alsof ze hier een berg met steen hebben genomen en wat lampjes overheen hebben getrokken en dat een trail noemen. Heel gaaf! We zien er horen echte berggeiten en dat lijken ook de enige bewoners van deze rotsen te zijn. Met handen en voeten klimmen we verder. En dan niet een paar minuten. Soms ben je gewoon een uur lang aan het klimmen.

Het deelnemersveld dunt nu wel uit. Veel lopers laten we achter ons en met kleine groepjes gaan we verder. Zelf loop ik al een tijdje met de Spaanse Isidro. Op een gegeven moment komen we tussen twee bergen op een grote vlakte uit. We lopen veel in het Parque Natural Sierra de Grazalema en wat ik er in het donker van kan zien is het mooi hier. Ergens op dit veld staat een klein stenen hutje en het wordt weer tijd voor een post. In het hutje zitten twee mannen. Eentje knipt een gaatje in je stempelkaart, eentje maakt koffie en dan is er nog een vrouw die in de open haard een soort van dikke worst aan het bakken is. Ze biedt me wat aan, maar deze skip ik even. Het voelt echt als de middle of nowhere, want zelfs mijn telefoon heeft geen bereik hier.

We gaan dieper de nacht in en op een gegeven moment kom ik alleen te lopen. Je loopt alleen in het donker en je zicht is erg beperkt. Door de felle hoofdlamp valt alles daarbuiten ook een beetje weg. Je hoort wel vanalles, maar kan het niet makkelijk zien. Ik loop nu op een iets vlakker stuk waar een paar hutjes staan waar waarschijnlijk mensen wonen. Ineens staat er een hond van zeker een meter hoog naast me. Ik schrik even, maar hij kijkt me slaperig aan en heeft waarschijnlijk al wel meer renners gezien. Onderweg komen we overigens ook nog schapen, geiten, koeien en andere dieren tegen.

Intussen is het behoorlijk gaan waaien bovenop de bergen. Ondanks dat ik mijn windbril op heb krijg ik nog steeds traanogen. Met een trapje mag ik over een hek met prikkeldraad klimmen, toch nog een beetje een obstacle run vandaag. Olé! Het parcours is bijzonder goed aangegeven en verdwalen is bijna niet mogelijk. Er hangen rood-witte linten met reflectie, er staan reflecterende bordjes op de grond en de moeilijke punten zijn met knipperlichtjes aangegeven.

Op de volgende post ontmoet ik Thomas. Een Zwitser die in Madrid woont en de Sparathlon gaat doen. Voor hem is dit een trainingsloop om meters te maken. Je loopt tijdens de UTSB van post naar post wat neerkomt op het lopen van bergdorp naar bergdorp. Onze volgende post is in Ronda, waar de bekende 101 KM van Ronda ieder jaar gelopen wordt. We hebben hetzelfde tempo en besluiten samen, al keuvelend, naar Ronda te lopen. Door het vele praten, of de vermoeidheid missen we één klein bordje en lopen we toch verkeerd. Al met al kost ons dit zo’n 30 minuten wat natuurlijk niet heel goed is voor de moraal na 60 kilometer rennen door de nacht.  

Bij deze post ligt ook een tas met kleding en voeding. Mijn kleding is nog prima en voeding heb ik genoeg. Ik neem extra raw food reepjes en gels mee, maar de bocadillos en de vegan tortilla de patatas die Edwin gemaakt heeft laat ik achter. Ik heb er nog genoeg van en krijg het met geen mogelijkheid weg. Als we Ronda verlaten komen we na een kilometer of vijf terug op het parcours van eerder. Net op het kleine stukje dat het parcours kruist kom ik Edwin en Juan Amario tegen.  

En genieten we nog? Ja hoor. Als ik af en toe om kijk en ik zie de dansende hoofdlampjes de bergen opklauteren dan is dat prachtig. Als even later de zon op komt achter de bergen word ik ook helemaal gelukkig (deels natuurlijk omdat je dan weer iets normaler kunt lopen zonder hoofdlamp.) Het is wel echt mooi hier in de Sierra de Cádiz.

Zaterdag overdag

Hoppa! Rond half 8 gaat de hoofdlamp af en in de rugzak. Eindelijk weer in daglicht lopen. Even een statusupdate op Facebook zetten nu ik halverwege ben. Ik heb er pas 13,5 uur opzitten. In dit tempo doe ik er 27 uur over, wat veel te snel is voor het aantal trainingskilometers wat ik gemaakt heb. Maargoed, de strategie was vlammen tot ik niet meer kan en dan op karakter de finish halen.

Voor het eerst heb ik mijn trailstokken erbij gepakt. Stiekem ben ik er niet zo fan van, omdat ik er misschien niet goed mee overweg kan of te weinig mee getraind heb. De theorie dat het je benen deels spaart omdat je je bovenlichaam wat meer gebruikt geloof ik op dit moment graag. Ik loop intussen met een tsjechische vrouw die in haar land regelmatig een ultra wint. Ze loopt aardig door maar begint het net als ik zwaar te krijgen. Ik ben bang dat het weinige eten tijdens de nacht me nu op begint te breken. Nog maar een kilometer of 75 te gaan. Op mijn shirt staat Dutch Mud Men Never Give Up en ik had vooraf al besloten dat ik hem sowieso uit zou lopen. Al deed ik 25 uur over het tweede deel. De volgende post staat dus in het teken van herstellen. De post op 85 kilometer lijkt maar niet te komen. Ik voel me compleet leeg, kan niet eten en val op mijn stokken bijna in slaap. Het gaat even vrij dramatisch.

Op deze post Jimera de Libar kan ik even in de zon zitten om te herstellen. Daarnaast moet er brandstof in; 4 nescafe met veel suiker, een zakje zout wat ik uit een lunchroom op het vliegveld had meegenomen, 2 namaakisostar, 2 bananen, 2 sinaasappels een half uur pauze en het wegstoppen van mijn trailstokken zou voldoende moeten zijn. De batterij is weer opgeladen.

Het ging hierna een stuk beter, maar posten liggen voor mijn gevoel wel ver uit elkaar nu. Dat klopt ook wel omdat de posten nu niet meer binnen de 10 km zijn maar meer naar 12 of 13 kilometer gaan. Nou lijkt dat niet veel, maar op dit moment in de race is het direct een half uur langer. In mijn hoofd ben ik steeds meer bezig met “waar stoppen die rotspartijen en kan ik het dorpje zien.” Eindelijk zie je het en dan duurt het nog 30 minuten voordat je afgedaald bent naar het dorp met de post. Hier wordt ik op een parkeerplaats gebeten door een hond. Dat kwam vast mijn oranje broek 😉 Gelukkig beet hij in mijn gaiter, dus uiteindelijk niks aan de hand. Nadat ik de hond in mijn vriendelijkse Nederlands gevraagd heb dit niet meer te doen sleurt zijn baasje hem de auto in.

Vanaf kilometer 94 gingen we voor de tweede keer weer echt langdurig klimmen richting Villaluenga en Grazalema. Met we bedoel ik mezelf, want ik loop vooral alleen. Nou ben ik mezelf intussen wel tegengekomen, dus eigenlijk loop ik niet alleen meer. 😉 Al klimmend gaan de kilometers wel voorbij. Na ongeveer 120 kilometer kwam ik aan in Grazalema. Niet veel later zou het alweer donker worden. Verse batterijen in de hoofdlamp en hij kan weer op mijn hoofd. Nog maar 30K door de nacht heen. Op de post bieden ze me van alles aan. Rijst met stukjes Jambon en boullion die gemaakt bleek te zijn van pollo. Als ik duidelijk maak dat ik veggie ben bieden ze me ietwat verontschuldigend een stukje banaan aan. Wonderwel wisten ze op de volgende post dat die jongen met die oranje broek veggie was. De dorpstamtam gaat ook snel hier in Spanje.  

Ondanks dat het echt zwaar is en ik grote stukken moet wandelen heb ik wel genoten van de dag. De mensen zijn aardig, de natuur prachtig en in de hoogte heb je hele mooie vergezichten. Ook het urenlang eenzame strijden tegen jezelf en het parcours heeft een vorm van genieten in zich.

De tweede nacht

De lamp is intussen weer aan en ik kan geen rots meer zien. Het houdt maar niet op. Kilometer na kilometer rotspartijen. Op de kaart lijkt het bergaf te gaan, maar in de praktijk voel ik daar wat minder van. Ik merk wel met het afdalen dat ik onbewust steeds meer op mijn rechtervoet probeer te landen, maar sta er niet echt bij stil. De survivalmodus is intussen aan. Ik denk niet na dat het nog 30 kilometer is en dat ik eigenlijk geen stap meer wil of kan zetten. Ik focus me op de volgende post waar ik mezelf weer kan verzorgen.

Door slaaptekort zie ik van alles als mijn hoofdlamp door de natuur danst. Iets wat achteraf bijna altijd een grote rots of boom blijkt te zijn lijkt voor mij steeds een olifant, geit of bizon te zijn. Waarom ik overal dieren zie weet ik ook niet, maar ik ben er me van bewust dat het door het slaaptekort zal komen en maak me er weinig zorgen om. Verder voel ik me prima in mijn hoofd. Ik weet dat ik sowieso ga finishen en probeer zo veel mogelijk “hardlopend” af te leggen. Het genieten is wel wat voorbij, ik wil finishen en zo snel mogelijk. Ik blijf wel scherp in mijn hoofd en laat geen negatieve gedachten toe.

Van 132 tot 138 loop ik met zeven Spanjaarden die net wat te snel voor me gaan. Het is echt bijschakelen en aan het elastiek hangen, maar ik red de post. Ze willen direct door en daar pas ik even voor. Ik moet heel even zitten en wat drinken voordat ik de laatste uren in kan. Want ja, 12 kilometer duurt op dit moment uren. Ik ga hem nu niet redden in 45 minuten, al zou ik dat maar wat graag doen nu. Voor het laatst ga ik alleen de nacht in. Langs een bulderende ijskoude rivier met bergwater ga ik het dorpje uit de natuur weer in. Laatste 12 km duren heel lang. Ergens in een weiland kom José tegen. Hij draagt al een isolatiedeken en daarover zijn jas, hij gaat heel langzaam en loopt samen met me verkeerd. Ik durf hem niet goed achter te laten in het donker en besluit bij hem te blijven. Ik denk dat we 3 kilometer per uur gaan en we kruipen richting finish. Door het langzame tempo krijg ik wel koud en wil ik snel naar finish. De laatste kilometer voor de finish staan er twee mensen van de organisatie die met José meelopen en de laatste kilometer klimmen doe ik dus alleen. HIj is zwaar, maar ik warm weer op. De finish is wel een soort van deceptie als je andere events gewend bent. Een klein tentje op het plein met zo’n 10 mensen. Ze maken een foto, geven je een medaillen en vragen of je je tassen van de posten onderweg al wilt hebben. Maar daar gaat het ook niet om. Ik ben er!

Van de 395 starters zijn er 198 gefinished binnen de limiet van 40 uur. Zelf ben ik na 31.27 uur op een 83e plek over de finish gekomen. Het had eventueel nog wel beter gekund, maar daar loop ik niet voor. Ik heb er absoluut van genoten en als ik dan ook nog bij de eerste helft van de finishers zit kan ik niet meer dan zeer tevreden zijn. Als ik naar de uitslagen van voorgaande jaren kijken ben ik volgens mij de eerste (en tot nu toe enige) Nederlander die hem uitgelopen heeft. Edwin is gestopt na 120 kilometer omdat hij tevreden was met dat resultaat, één van onze Spaanse vrienden is gestopt op 66 km en de rest was na 28, 31 en 38 uur binnen. Van de Spanjaarden achter me hoorde ik overigens dat ze een aantal keer gehoord hebben over iemand met een oranje broek. Dat doet me dan weer goed, volgende keer neem ik een vlag mee 😉

Wat is de schade?

Dit soort inspanningen heeft natuurlijk wel een bepaalde impact op je lichaam. Zo heb ik wel eens sneller door huis gelopen. Toch voel ik me behoorlijk goed. Ik kon niet slapen in de sporthal door de pijn in mijn linker enkel en veel spierpijn in de benen. Na een paar uur geirriteerd ronddraaien tussen de snurkende Spanjaarden was ik blij dat ik naar ons eigen Spaanse huis kon. Ik voelde me na dit soort van slapen wel misselijk, waarschijnlijk door de zware honger. Na wat eten gaat het prima. Zondag heb ik overdag twee keer een paar uur geslapen en ben ik weer scherp.

Mijn armen zijn wel helemaal rood verbrand, zo’n harde zon was er overdag. Het was inderdaad bijzonder heet, maar ik had niet door dat het zo warm was. Ik heb wonderbaarlijk geen blaren. Ook heb ik in de sporthal al mijn Under Armour recovery suit aangetrokken. En ik heb wederom het idee dat dit zeker werkt, want een etmaal later voelen de spieren behoorlijk goed aan. Wel heb ik veel nadorst en honger. Maar dat is geen straf in Spanje!

Materiaal

Wat heb ik gedragen en was het de juiste keuze? Een aantal spanjaarden liep op Hoka’s. Ik kan me voorstellen dat dit hier lekker is omdat je zo’n 14 centimeter demping in je zolen hebt wat op de rotsen wel lekker is. Edwin droeg ze ook en gaf aan dat je de scherpte van de rotsen niet voelt. Zelf liep ik op dempingloze schoenen, Inov-8 Terrafly 303, en op een gegeven moment ga je wel iets merken bij dit soort afstanden. De schoenen zijn voor lange afstanden zeker een aanrader en hebben voldoende grip voor de niet al te modderige trailruns. Ondanks weinig demping zou ik ze volgende keer wederom aantrekken… Al komt er eind van het jaar een hele mooie nieuwe schoen van Inov-8 aan 😉

Daarboven droeg ik gaiters, die met alle steentjes hier zeer nuttig waren. Als teensokkenfan droeg ik ook hoge teensokken van Feelmax welke goed bevallen zijn. Ik had geen blaren en heb de complete afstand op één set gelopen. Ik kan al wel verklappen dat we binnenkort op DutchMudMen.com met een heel mooi nieuw en bekend teensokkenmerk voor hardlopers gaan komen.

De broek was de eerder genoemde oranje tight van Under Armour met daarboven een merino wollen shirt, ons Dutch Mud Men teamshirt van Under Armour en een winddicht running jack van Under Armour. Wat ik ook mocht testen was een sample van nieuwe merino wollen armwarmers (uiteraard van Inov-8). Deze heb ik aan het begin en einde van de dag gedragen op de momenten dat de temperatuur veranderde. Toen het echt kouder werd heb ik ook nog de Inov-8 RaceGloves gedragen.

Op mijn hoofd droeg ik de Team Inov-8 pet tegen de zon en daarboven mijn Cyba-Lite hoofdlamp. Het is hier redelijk stoffig, dus een bril en wrag tegen het inademen van zand kan ook zeker van pas komen.

Mijn nieuwe rugzak beviel ook erg goed. Het nieuwe Ultra Vest van Inov-8 was helaas nog niet binnen, dus die testen we volgende keer. Mijn trailstokken heb ik weggedaan en ga ik ook niet meer gebruiken, zonder ging het ook prima. Uiteraard droeg ik ook mijn Withings Pulse als stappenteller. Daar zijn weer wat records gesneuveld 😉

Conclusie

Volgend jaar weer? Nee, dat denk ik niet. Ik loop sowieso liever unieke evenementen en keer niet snel een tweede keer terug. De eerste uren riep ik dat ik dit nooit meer zou doen. Maar als je dezelfde avond toch alweer op internet naar andere runs aan het kijken bent weet je dat dit niet de laatste was.

(Trail-)ultra’s zal ik wel blijven doen, maar dit is echt een speciale. Het verhaal onder oud-deelnemers doet hier de ronde dat ze hem dit jaar een stuk zwaarder gemaakt hebben omdat ze de zwaarste in deze omgeving willen blijven en er andere runs in de buurt kwamen. Ik ken de concurrentie niet maar het klinkt aannemelijk. Er zaten namelijk veel meer echte klimrotsen in dan dat we op de foto’s en videos van voorgaande jaren hebben gezien. Feit dat je in Nederland op vlakke ondergrond traint en zelden dit soort natuur tegenkomt maakt de drempel een stukje hoger. Om hier beter aan de start te staan zul je echt wel meer in de bergen moeten trainen. Dat zit er voor mij niet helemaal in, dus daar zal ik wel iets meer rekening mee moeten houden.

Ik zoek graag mijn grenzen op en na de Comrades was dit direct een hele grote stap. Toch ben ik heel blij dat ik het gedaan heb. Bite off more than you can chew. Dit raadt ik iedereen aan. Kom jezelf eens tegen, weet hoe sterk je mentaal kunt zijn. Hoe reageer je als je helemaal leeg bent en er nog een monsterlijke taak voor je ligt. Het geeft je kracht in de rest van je leven als je weet dat je tot veel meer in staat bent dan je eigenlijk had durven dromen!

Iedereen bedankt voor alle (Facebook)-berichtjes. Erg leuk om te lezen allemaal. Voorlopig ga ik me met Obstakels.com en DutchMudMen.com weer focussen op alle obstacle runs in binnen- en buitenland. Heb je een mooie uitdaging, dan houd ik me natuurlijk wel altijd aanbevolen 😉

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *